Bellen: Een bel wordt gebruikt om de vogel makkelijker terug te vinden als deze ergens in een boom of in het veld zit. Meestal is de bel van twee verschillende materialen gemaakt. Belangrijkste van een bel is de zo helder mogelijk klank. Bellen zijn verkrijgbaar in verschillende soorten en maten. Enkele belmakers die bekend staan goede bellen te maken zijn bijvoorbeeld Dave Nobel en Ricardo Velarde.
Blok: Een blok wordt gebruikt voor vogels die met platte voet zitten, zoals de meeste valken, en sommige uilen. Blokken zijn in verschillende materialen te verkrijgen, de meest voorkomende soorten zijn van hout, met een top van astroturf. Belangrijkste is dat het geen glad oppervlak is, zodat de voet gemasseerd wordt, en er voldoende lucht onder de voeten kan komen.
Telemetrie: Vogels die los worden gevlogen hebben altijd de gelegenheid om weg te vliegen, hierom wordt elke vogel tijdens het vliegen voorzien van een zender aan staart of poot. Deze zenders geven een onderbroken signaal af, welke met de bijbehorende ontvanger, kunnen worden ontvangen. Door de antenne van de ontvanger in verschillende richting te houden, kan aan de hand van het sterkste signaal de richting worden bepaald.
Loer: De loer wordt door de vogel hierop te trainen gezien als een prooi. Valken kunnen op de loer gevlogen worden alsof ze een prooi proberen te slaan. Door de loer op het juiste moment aan te bieden, denkt de vogel deze te kunnen pakken, maar door de loer vlak voor het moment dat de valk de loer pakt, weg te trekken, zal de vogel steeds harder zijn best gaan doen deze te pakken. Het wegtrekken van de loer voor het slaan, waardoor de vogel verder vliegt om een nieuwe poging op te bouwen, noemen we een doorhaal. Ook vogels van de lage vlucht kunnen getraind worden op de loer, hierbij wordt de loer niet steeds voor het slaan weggetrokken, maar leren we de vogel dat de loer op de grond een voedselbron is. Hierdoor kunnen vogels van de lage vlucht vanaf grotere afstand terug gehaald worden als met de handschoen mogelijk is. Een loer voor de lage vlucht, waarbij deze wordt gepresenteerd als kunstprooi, zoals een konijn, noemen we een balg.
Transportkist: De transportkist is een op maat gemaakte kist om de vogels op een veilige manier te vervoeren. De vogels worden dwars op de rijrichting geplaatst. Ook de vervoerskist moet makkelijk zijn schoon te maken, en mag nergens scherpe onderdelen bevatten.
Zorg er voor dat de transportkist voldoende ventileert, dus liefst ventilatiegaten of rooster onderin aan de voorkant, en bovenin aan de achterkant. Een vogel te lang, in een niet goed geventileerde kist, kan zichzelf vergiftigen met zijn eigen uitwerpselen. Tevens bevat de kist de mogelijkheid om de langveter naar buiten te voeren, terwijl de vogel in de kist zit. Dit voorkomt dat bij het openmaken van de kist de vogel met langveter en al kan wegvliegen, doordat je de langveter kan pakken, voor de deur open gaat.
Boog of sprenkel: De boog wordt gebruikt voor vogels die normaal gesproken de zitplaats omklemmen met de voet, zoals havik en sperwer, die van nature in bomen zitten. De boog is er in verschillende uitvoeringen en maten. Zowel vaste die men in de grond steekt als portable, die makkelijk overal te plaatsen is. Net zoals bij een blok is het materiaal van de zit belangrijk, deze moet makkelijk schoon te maken zijn, een goede grip hebben, de voet masseren en liefst lucht onder de voetzool toelaten.
Draal: Een draal wordt gebruikt tussen langveter en schoenriemen, om het opdraaien van deze te voorkomen. Dralen zijn er in vele maten en soorten, vaak is het een kwestie van persoonlijke smaak welke draal gebruikt wordt, maar waar altijd zeer goed op gelet moet worden is de kwaliteit van de draal.
Het spitshuis: beschermd de vogel tegen de weersinvloeden zoals regen en wind. Deze wordt gemaakt van verschillende materialen, zoals bijvoorbeeld hout, trespa of betonplex. Het spitshuis moet makkelijk schoon te maken zijn, en de ondergrond moet de vogel niet beschadigen of de nagels bot maken. Veel gebruikt voor een havik is bijvoorbeeld een ondergrond van dennennaalden, deze rotten niet, en houden de nagels scherp. Houtsnippers zijn niet aan te raden, omdat deze rotten, en een grote kans op Aspergilose geven. Ook grind wordt veel gebruikt. De zit moet geschikt zijn voor de vogel die in het spitshuis komt, dus een blok voor valken, en een boog of balk met astroturf voor havik of buizerdachtige. Ook moet de vogel de gelegenheid hebben om buiten te zitten. Een bad met vers water moet steeds ter beschikking zijn, behalve bij kans op vorst.
Langveter: De langveter is het touw waarmee vogels worden vastgehouden op de handschoen, of worden vastgebonden aan het blok of de sprenkel. De dikte van de langveter moet uiteraard geschikt zijn voor de vogel waar deze voor gebruikt wordt. Naast de gewone langveter zijn er ook lus langveters, waarbij er geen valkeniersknoop gelegd hoeft te worden bij het vastzetten van de vogel.

 

 

De zenders en ontvanger op de foto's hiernaast zijn van het merk Marshall. Één van de betere merken telemetrie. Op de foto van de zenders zijn 2 zenders met staartbevestiging te zien, en één voor pootbevestiging. De ontvanger is een 5 kanaals, wat wil zeggen dat er 5 verschillende zenders bij gebruikt kunnen worden. Klik op de foto's voor een grotere afbeelding.
Meer info volgt......